Uit hoofdstuk 1

De enige die jou helemaal verstaat, ben jij

Een fragment uit het eerste hoofdstuk van Niemand verstaat je.

Als jij iets zegt, hoor je twee dingen tegelijk. Je hoort je woorden, en je hoort wat je ermee bedoelt. Die twee komen bij jou als één pakketje binnen, naadloos aan elkaar geplakt, en dat voelt zo vanzelfsprekend dat je nooit doorhebt dat het er twee zijn. Maar de ander? Die krijgt er maar één. Die hoort de woorden en, als jullie in dezelfde ruimte zitten, ook je toon en je gezicht erbij, en dat helpt. Maar de bedoeling, de lading, de geschiedenis erachter, het gevoel waarmee je het zei: dat reist allemaal niet mee in de woorden. Dat moet de ander er zelf bij maken, met het enige materiaal dat hij heeft: zijn eigen ervaringen, zijn eigen gevoeligheden, zijn eigen dag.

Jij bent, met andere woorden, de enige mens op aarde die jouw boodschap compleet ontvangt.

Lees die zin gerust nog een keer. Want als hij landt, verandert hij hoe je naar elk gesprek kijkt dat ooit is misgelopen.

Er is een beroemd experiment dat dit pijnlijk zichtbaar maakt. Een onderzoeker aan Stanford, Elizabeth Newton, verdeelde mensen in tweetallen. De één kreeg een lijstje met overbekende liedjes (verjaardagsliedjes, volksliederen, dat werk) en moest het ritme van zo’n liedje op tafel tikken. De ander moest raden welk liedje het was. Voordat er geraden werd, vroeg Newton aan de tikkers: hoe vaak denk je dat je partner het liedje herkent? De tikkers schatten: ongeveer de helft van de keren. Dit kón bijna niet misgaan, zo duidelijk tikten ze.

Wil je weten hoe vaak de luisteraars het liedje werkelijk herkenden?

Tweeënhalf procent. Van de honderdtwintig liedjes werden er drie geraden.

Hoe kan een mens er zó naast zitten over zijn eigen duidelijkheid? Omdat de tikker, terwijl hij tikt, iets heeft wat de luisteraar niet heeft: hij hoort in zijn hoofd de muziek erbij. De melodie, de zang, het hele orkest. Voor hem is dat getik overduidelijk het verjaardagslied. Voor de luisteraar is het... getik. Een rijtje kale klopjes op een tafelblad, dat net zo goed morse kan zijn.

En nu komt het: iedereen die praat, is een tikker.

Jij tikt woorden, en in jouw hoofd speelt het volledige orkest van je bedoeling mee. De ander hoort de klopjes. En omdat jij dat orkest niet kúnt uitzetten — probeer maar eens iets te zeggen zonder te weten wat je bedoelt — voelt je boodschap voor jou altijd glashelder. Psychologen hebben hier een naam voor: de transparantie-illusie. We denken dat onze binnenkant veel zichtbaarder is dan hij is. We zeggen “hij weet heus wel wat ik bedoelde” en “ik heb het toch duidelijk gezegd”, en ondertussen laat onderzoek keer op keer zien dat we stelselmatig overschatten hoeveel er van onze bedoeling daadwerkelijk overkomt.

Dit is geen ontwerpfout van jou of van mij. Het is hoe taal werkt. Woorden zijn geen verhuisdozen waar je een bedoeling in stopt en die de ander aan de overkant weer uitpakt, zoals jij hem inpakte. Woorden zijn eerder een bouwtekening. Jij levert de lijnen; het gebouw zet de ander zelf neer, met zijn eigen stenen. Taalwetenschappers zijn daar verrassend stellig over: wat je zegt is nooit de volledige boodschap, het is een aanwijzing waarmee de luisteraar de boodschap construeert. Altijd. Ook als het goed gaat.

Je hoeft niet ver te zoeken om dat te zien. Neem een simpel zinnetje als “we moeten het er nog eens over hebben”. Uit de mond van je leidinggevende, op vrijdagmiddag, zonder verdere uitleg. Is dat een uitnodiging of een dreigement? Een teken van betrokkenheid of het voorportaal van slecht nieuws? De woorden zelf geven geen uitsluitsel. De ontvanger beslist, en hij beslist met wat hij die week heeft meegemaakt, met hoe zijn vorige baas dat zinnetje gebruikte, met hoe hij geslapen heeft. Dezelfde acht woorden, en de één fietst fluitend naar huis terwijl de ander het hele weekend een steen in zijn maag heeft.

Ik vind dat, hoe vaker ik erover nadenk, eigenlijk vooral een opluchting.

Want kijk wat dit betekent voor al die gesprekken in je leven die zijn vastgelopen. Die keer dat je iets liefs bedoelde en iets verkeerds zei. Die mail die heel anders viel dan je hem schreef. Die discussie die achteraf nergens over bleek te gaan. We leggen de schuld daarvan bijna altijd bij iemand neer. Bij onszelf: ik had het beter moeten zeggen. Of bij de ander: hij wíl me gewoon niet begrijpen. Maar meestal is er helemaal geen schuldige. Er is een tikker die het orkest hoort, en een luisteraar die klopjes krijgt. Misverstand is geen bewijs van onwil, geen teken van domheid en geen symptoom van een slechte relatie. Het is ingebouwd. Het zit in het instrument zelf.

En nee, dat betekent niet dat het dus geen zin heeft je best te doen. Het betekent iets veel bruikbaarders. Zolang je gelooft dat woorden je bedoeling gewoon vervoeren, is elk misverstand een raadsel of een verwijt. Zodra je weet dat er altijd een kloof zit tussen wat jij bedoelt en wat er aankomt, ga je anders zenden en anders ontvangen. Anders zenden: je checkt vaker even wat er aan de overkant is aangekomen, niet omdat de ander dom is, maar omdat je weet dat je bedoeling niet meereist. Anders ontvangen: als woorden van een ander hard bij je binnenkomen, houd je een slag om de arm. Misschien hoorde je zojuist klopjes en heb je er zelf een dreigend deuntje bij gecomponeerd. De vorm is niet altijd de waarheid.

Soms hangt er aan één verkeerd verstaan woord een prijskaartje dat je je niet kunt voorstellen. In het volgende hoofdstuk neem ik je mee naar twee radio’s. Bij de eerste ga je lachen. Bij de tweede vergaat het lachen je — en begrijp je voorgoed waarom dit boek bestaat.

Wat je verder ontdekt

Daarna volgen nog vierentwintig hoofdstukken. Een paar van de vragen die ze beantwoorden:

  • Hoe vaak pikt de ontvanger de toon van je appje echt goed op?
  • Waarom betekent een “ja” lang niet altijd ja?
  • Wanneer is vaag juist beter dan duidelijk?
  • Waarom luister je beter in een taal die je maar half beheerst dan in je moedertaal?
  • Wat gebeurt er als je in je eigen hoofd één woord verandert?

Hoor als eerste wanneer het boek uitkomt

Zodra het boek te bestellen is, krijg je van mij de link.

Een vraag of een reactie? Mail me gerust: yvo@yvotermaat.com